Het verhaal van onze bas Pierre Michiels

Interview met Pierre Michiels door Ralph Vermeere

Wie is Pierre Michiels?

Ik ben 90 jaar, ben getrouwd in januari 1959 met Leny Geenen. We hebben 3 kinderen, 2 zonen en 1 dochter. We hebben 3 kleinkinderen en 3 achterkleinkinderen.
Ik werkte vroegere in een meubel- en timmerfabriek met een winkel. Ik was voorman in de winkel en als er voorraden aankwamen, ging ik samen met de mannen meehelpen om bijvoorbeeld de zware cementzakken van 50 kg naar binnen te tillen. Ik heb daar nu wel last van mijn rug van, maar door rechtop te lopen is dat veel minder. Mijn rechte houding is dus niet verwaandheid, maar mijn zorg voor mijn lichaam. Dat zorgen voor je lichaam vind ik heel belangrijk, daar voorkom je heel veel erger mee. 
Ik woon in Waubach, mijn huis heb ik toen helemaal zelf gebouwd. Dat werd te groot, ik heb toen in de tuin een kleiner huis gebouwd. Daar woon in nu met veel plezier. 
Mijn hobby’s zijn zingen bij Landgraafs Mannenkoor en vakantie vieren op een camping. Dat deed ik vroeger heel graag, die vrijheid was heerlijk om te beleven. 

Pierre samen met Luciano Pavarotti

Hoe lang ben je bij het Landgraafs Mannenkoor?

Ik speelde eerst in de harmonie Sint Gerardus van Heksenberg. Ik speelde daar de 1e klarinet en heb in 1952 bij het eerste WMC mee mogen spelen.
Ik ben september 1959 bij Het Landgraafs Mannenkoor gekomen. Koorleden kwamen met donateurskaarten aan huis en vroegen tevens of ik bij het koor wilde komen zingen. Ik vertelde dat ik geen goede stem had, maar ze overtuigden mij en sinds die tijd doe ik mijn best bij de bassen. Ik zing altijd uit volle borst mee.
Ik heb mij ook 32 jaar ingezet als voorzitter van de muziekcommissie. Als voorzitter hoorde ik best veel en kon dan ook wel eens bemiddelen tussen de Joepmannen als er een onenigheid was. Ik voel me niet meer dan een ander, dat heb ik mijn hele leven niet gedaan. Ik ben echt niet meer dan een ander. Ik wilde graag altijd een fijne sfeer hebben en als voorzitter kon ik daar een steentje voor bijdragen.
Ook bij de carnaval van de ‘Joepemannen’ heb me lange tijd ingezet, ik ben 22 jaar voorzitter geweest van de Carnaval van de ‘Joepemannen’. Ik heb daar ook een mooie onderscheiding voor gekregen. Ieder lid was daarbij actief. We hadden een grote tent waar gedurende de carnaval meer dan 1000 bezoekers carnaval vierden en dansten op de muziek van grote blaasorkesten. De brandweer is gekomen en zei dat er veel te veel mensen waren. Ze vroegen naar mij en ik zei tegen de brandweer: “daar hebt u gelijk in, maar probeer ze maar eens er uit te krijgen”. Dat zag de brandweer ook wel. We hebben toen alle nooduitgangen open gemaakt en kregen van de brandweer groen licht om het carnavalsfeest verder te mogen vieren. 
Onze vrouwen verzorgden een eethoek waardoor het feest helemaal compleet was. De vrouwen van alle ‘Joepemannen’ werkten mee. Nu is dat anders, dat vind ik wel een beetje jammer. Maar tegenwoordig heeft iedereen zijn eigen leven. En dat is ook helemaal goed. 

Wat zijn jouw favoriete liedjes?

Dat zijn er heel veel. Benedictus, Lombardi (Jerusalem). The Holy City, Panis Angelicus, He ain’t heavy He’s my brother, Bring him home, E Pluribus, Bella Ciao, The Awakening en zo kan ik nog wel even doorgaan. Liefst niet te veel Engels, dat vind ik lastig vanwege de tekst. Hij mist de oudere werken ook erg.

Als je één liedje zou mogen uitkiezen dat het Landgraafs Mannenkoor zou zingen, ongeacht of dat mogelijk is of niet, welk liedje zou dat dan zijn?

Dat weet ik niet, al mijn favoriete liedjes worden al door het koor gezongen.

Pierre met de Carnavalsvereniging van het Landgraafs Mannenkoor


Welke gebeurtenis is je het langste bijgebleven?

Dat zijn er heel veel zoals de buitenlands concertreizen met een hoogstaand resultaat in bij het wereldconcours in het Engelse Stockton-on-Tees.
We zijn 3 keer in Berlijn geweest, de eerste keer hebben we bij de Muur gezongen aan de West-Duitse kant. Tijdens het concert klom een vluchteling aan de Oost Duitse grens over de muur en werd doodgeschoten, maar hij viel aan de West Duitse kant van de muur af. Dit voorval hebben de bestuurders van West Berlijn goed uitgebuit. Als dank voor ons optreden zijn we door de bestuurders van West Berlijn 2 jaar teruggevraagd, deze reizen kosten bijna niets. Voor 10 dagen 45 Mark per persoon en we kregen ook nog eens 10 Mark zakgeld. 
Daags na het concert mochten we over bij Checkpoint Charlie voor één uur naar het Oost Duitse deel. Bij de grens werd geteld, 98 mensen, na een uur bij terugkeer werd weer geteld. 96 mensen. Bij de tweede telling heeft het bestuur bij de telling snel 2 nummers overgeslagen. Toch weer 98 mensen. Maar in de verte hoorden ze roepen: “wacht op mij”. Dat waren de andere 2 mensen. Toen weer opnieuw geteld. 98 mensen. Het blijft een leuke herinnering.

We zijn ook nog in Wenen, Innsbruck, Salzburg (voor de Amerikaanse TV en het concert werd in werd in Amerika uitgezonden), Antwerpen, Lissabon, de zwarte Madonna in Spanje, Barcelona (jammer genoeg niet in de Sagrada Familia), Joegoslavië en Marseille geweest. In Saint Maximin la Saint Baume hebben we gezongen bij het 700-jarig bestaan van de kathedraal met wel 25 bisschoppen. Het was een hele volle kerk toen. Heel erg mooi.
Tijdens een reis naar Moulin-Never-Auxerre hebben we een avondconcert in de volle kathedraal van Moulin gegeven. We werden gepresenteerd door Pierre Huiskens, hoofdredacteur van het Limburgs Dagblad. ’s Middags hadden we een kleine aubade in Auxerre. Daar kreeg het koorlid Jan Lanslot een hartinfarct en ging met spoed naar het ziekenhuis. ’s Avonds in de kathedraal kondigde Pierre Huiskens ook het Partizanenlied Bolen Mi Lezi aan waarin de Partizanen voor hun stervende makker zongen en hij vertelde aan het publiek dat het Landgraafs Mannenkoor dit lied ook voor Jan Lanslot zong die eveneens voor zijn leven vocht in het ziekenhuis. Mijn emoties waren enorm en ik mag wel zeggen van het hele koor. We hebben allemaal echt voor Jan gezongen. Jan is 10 dagen in het ziekenhuis geweest en heeft nog jaren gelukkig geleefd.   

Bolen Mi Lezi van Chr. Mannenkoor Looft den Heere Vaassen.

En in Sweikhuizen hebben we met een wedstrijd meegedaan. We zongen toen onder leiding van de vader van Jules, Hans Luesink. We hebben met het lied Près de Fleur de allerhoogste score gehaald. We zongen toen alles uit het hoofd. Wat was dat mooi!

Ik had een map met heel veel artikelen over het koor, dat heb ik aan het bestuur gegeven. Daar staan nog veel meer in.

Welke periode van je leven zou je nog eens over willen doen?

Ik zou mij leven helemaal willen overdoen. Ik heb heel tevreden over mijn leven.

Welke mensen zijn belangrijk voor jou?

Mijn hele familie, mijn vrouw Leny en alle kinderen, klein- en achterkleinkinderen. Ik heb ook veel vrienden die me allemaal heel dierbaar zijn. En natuurlijk ook alle mannen van het Landgraafs Mannenkoor.


Wat is je grootste wens om nog eens te doen in het leven?

Mijn wens is om lang te blijven leven en zo te leven zoals ik nu doe.

Wat zou je de lezers van de nieuwsbrief willen meegeven?

Dat ze allemaal gezond blijven en zich steeds positief opstellen. En vooral om goed voor jezelf te zorgen, dat is zo belangrijk!

 

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

error: Content is protected !!